In het Natuurlijk Grasweggebied zijn verschillende biotopen te onderscheiden in de ecologische verbindingszone:

Bos: In het gebied is 2,2 tot 2,5 hectare bos aangepland. Een rijke struiklaag bestaande uit meidoorn, gewone vlier, hazelaar, kardinaalsmuts en sleedoorn maken het beeld compleet.

Water: In het plangebied is 10.000 m≤ open water aangelegd als waterberging. De diepe stukken dienen als overwinteringplaats voor vissen en andere waterorganismen. De ondiepe stukken zijn bedoeld als groeiplaats van riet en andere  water- en oevervegetatie en kan tevens dienen als paaiplaats voor vissen en amfibieŽn en broedplaats voor vogels.

Poel: In het westen van het perceel heeft de poel een waterdiepte van 2 meter onder maaiveld en een diameter van ongeveer 15 meter. De taluds lopen hier flauw op.

Moeras: De moeraszone is ca. 12.000  m≤ groot. Vanaf de waterlijn loopt het talud flauw op naar het huidige maaiveld. Op brede stroken worden kleine verlagingen aangebracht waardoor er veel diversiteit optreedt in de vochtigheid.

Weiland & Grasland: Tussen de bospercelen liggen stroken met grasland. De stroken met grasland zijn te verdelen in een kruidenrijke grasstrook en een ruigtestrook.


Stichting Natuurlijk Grasweggebied
Stichting Natuurlijk Grasweggebied
Stichting Natuurlijk Grasweggebied